Conceptos clave de narrativa y argumentación (personajes, tiempo, contraargumentos y taallab)

¿Qué es typecasting?

Tap to flip
1 / 5(10 total)

Notes

Nederlands: les 9, 16, 18, 21 & 23 Les 9: personages 1. typecasting - auteur / acteur is zo vergroeid met een bepaalde rol ⤷ steeds in dezelfde rol gecast worden 2. personages - innerlijke + uiterlijke kenmerken - identiteit - verhouding tot anderen - schrijver geeft informatie via personages of verteller - protagonist = hoofdpersonage - antagonist = tegenspeler - nevenfiguren = helpers / tegenstanders van de protagonist - figuranten = geven kleur aan de achtergrond (niet belangrijk voor het verhaal) 3. vol en vlak karakter, held en antiheld - volle karakters = personages die doorheen een verhaal veel veranderen - vlakke karakters = personages die doorheen een verhaal weinig tot niet veranderen - held = personage met voornamelijk goede eigenschappen (meestal de protagonist) - antiheld = personage die kwaliteiten mist / tegenovergestelde eigenschappen (meestal de antagonist) Les 16: Tijd 1. de kalendertijd - kalendertijd = de tijd waarin een verhaal zich afspeelt (historische tijd) - anachronisme = een fout tegen de kalendertijd (telefoon gebruik in een film over de prehistorie) 2. Vertelde tijd en verteltijd - vertelde tijd = tijd die in het verhaal voorbijgaat - verteltijd = tijd ...

Study with interactive games

Upload your notes and generate flashcards, exams and more with AI

Start for free